Alcohol, drugs en de hersenen

Van prenataal tot hoogbejaard

Hieronder kunt u lezen wat de invloed van drugs en alcohol is op (de ontwikkeling van) de hersenen op verschillende leeftijden: van ongeboren baby’s, tot basisschoolkinderen en tieners, tot volwassenen tot bejaarden.

Voor de geboorte

Al voor de geboorte hebben alcohol en drugs invloed op de ontwikkeling van het kind en in het bijzonder op de hersenen. Cocaïne kan tot hersenbeschadiging en hersenbloedingen leiden; heroïne tot groeiachterstand, vertraagde motorische ontwikkeling en leer- en gedragsstoornissen. Ook lijkt er een verband te zijn tussen xtc-gebruik en leer- en geheugenproblemen bij het kind.

Maar ook de meer gangbare drugs hebben effect op het ongeboren kind. Cannabisgebruik tijdens de zwangerschap kan leiden tot problemen met concentratie en impulsiviteit.

Alcohol, het meest gebruikte genotmiddel, is eveneens erg schadelijk voor het ongeboren kind. De kans op leer- en concentratieproblemen neemt al toe als de moeder minder dan één glas alcohol per dag drinkt. Naarmate de moeder meer drinkt, is het risico op schade groter, maar er is geen veilige ondergrens! De meest ernstige vorm van alcoholschade is het Foetaal Alcohol Syndroom, waarbij ernstige neurologische problemen kunnen optreden.

Basisschoolleeftijd

Zolang kinderen nog niet drinken, heeft de opvoeding veel invloed op hoe zij later met alcohol omgaan. Regels stellen helpt! Hoe meer ouders verbieden, hoe minder kinderen drinken.

Voor een klein deel van de kinderen is de invloed van alcohol- en drugsgebruik veel groter en directer, namelijk als de ouders verslaafd zijn. Kinderen van ouders met psychische problemen of een verslaving – KOPP/KVO-kinderen – kunnen in hun ontwikkeling geschaad worden. Zo beïnvloedt veel stress de ontwikkeling van de kinderhersenen, met name de groei van de hippocampus, een gebied dat onder meer belangrijk is voor het geheugen. KOPP/ KVO-kinderen hebben zelf anderhalf keer meer kans op het ontwikkelen van een psychische stoornis. Ook is er een verhoogd risico op verslaving.

Tieners

Tijdens de tienertijd vinden grote veranderingen plaats in de hersenen. Twee belangrijke gebieden zijn nog volop in ontwikkeling: de prefrontale cortex, verantwoordelijk voor onder meer impulscontrole en planning, en de hippocampus, belangrijk voor leervermogen en geheugen. Tieners zijn daardoor impulsiever en minder geneigd ver vooruit te denken, maar tegelijk zijn de zich ontwikkelende hersengebieden zeer gevoelig voor de invloed van drugs en alcohol. Leer-, gedrags- en geheugenproblemen kunnen het gevolg zijn.

Drugs als xtc en cannabis vergroten ook de kans op andere psychische problemen, zoals angsten en psychoses. Alcoholgebruik op jonge leeftijd verhoogt bovendien aanzienlijk de kans op verslaving, waarbij geldt dat hoe jonger het kind alcohol gaat drinken, hoe groter de kans op verslaving is. Van de jongeren die voor hun dertiende beginnen met drinken, is 40% op een bepaald moment in hun leven alcoholverslaafd.

Pas bij 24 jaar is de breinontwikkeling voltooid en zijn ook de voorste hersengebieden ‘af‚’.

Volwassenen

De hersenen zijn volledig ontwikkeld en minder gevoelig dan bij kinderen en jongeren, maar ook minder plooibaar. Langdurig gebruik van drugs verandert de werking van de hersenen. Drugsgebruik zorgt voor enorme pieken in de neurotransmitter dopamine en daarmee voor overstimulatie van het beloningscentrum in de hersenen. Het brein past zich aan deze situatie aan door zelf minder dopamine af te geven en het aantal receptoren voor dopamine te verminderen. Als gevolg is de verslaafde bijna niet meer in staat tot het ervaren van plezier, en alleen drugs kunnen de hoeveelheid dopamine weer snel (tijdelijk) naar een normaal niveau brengen. Om de euforische roes weer te voelen, moeten verslaafden bovendien steeds méér drugs gebruiken.

Alcohol is niet minder schadelijk en vernietigt bovendien hersencellen. Bij zware drinkers kan het volume van de hersenen na jaren afnemen met 10 tot 15%. Hersengebieden die zorgen voor zelfcontrole (frontale cortex), geheugen (hippocampus) en motoriek (cerebellum) kunnen door langdurig of veelvuldig drinken schade oplopen.

Experimenteel gebruik in de jeugd of vroege volwassenheid kan geleidelijk overgaan in afhankelijkheid en verslaving en door de toegenomen verantwoordelijkheden (werk, wonen, gezin) kan deze afhankelijkheid leiden tot veel problemen in het dagelijks leven. Het overgrote deel van de cliënten in behandeling valt dan ook in de categorie volwassenen (tussen 24 en 50 jaar). In 2010 waren bij Novadic-Kentron 6.689 volwassenen in behandeling. Dit is bijna 65% van het totaal aantal cliënten, terwijl het aandeel van deze leeftijdscategorie op de totale Nederlandse bevolking ongeveer 35% is.

Ouderen

De laatste tien jaar is het aantal ouderen met alcoholproblemen bijna verdubbeld. In het oudere lichaam verandert de vochthuishouding. Doordat ouderen letterlijk minder vocht in hun lichaam hebben om de alcohol te verdunnen, kunnen ze er slechter tegen en raken ze sneller onder invloed. Doordat bovendien de nieren en lever minder goed werken en de weerstand lager is, leidt alcohol sneller tot schade aan het lichaam en de hersenen.

Drugsgebruik komt onder ouderen minder vaak voor, maar de effecten zijn eveneens verwoestend. Jarenlang drugsgebruik zorgt voor grote schade aan hersenen, weefsels en organen (lever, longen, bloedvaten), en de veroudering van het lichaam vindt in een veel hoger tempo plaats. Een chronische drugsverslaafde van vijftig kan dan ook net zo veel zorg nodig hebben als iemand van twintig tot dertig jaar ouder.