Drugsverslaving

Drugs zijn middelen die een effect hebben op de hersenen. Er zijn drie soorten drugs:

  • stimulerende drugs (bijvoorbeeld cocaïne en amfetamine), dus drugs die je ‘oppeppen’;
  • verdovende drugs (bijvoorbeeld alcohol en heroïne);
  • drugs die je waarneming veranderen (’tripmiddelen‚’ zoals bijvoorbeeld cannabis en paddo’s), deze zorgen ervoor dat je dingen anders (intenser) ziet.

Sommige middelen hebben meer effecten: cannabis kan ook verdovend werken en xtc is stimulerend, maar verandert ook de waarneming.

Drugs gebruiken betekent altijd dat je risico loopt. Je hebt kans op lichamelijke en geestelijke schade, maar ook op drugsverslaving.

Harddrugs en softdrugs

De wet geeft aan of een drug als harddrug of als softdrug wordt beschouwd.

  • Op lijst I van de Opiumwet staan harddrugs. Harddrugs zijn volgens de wet middelen die erg schadelijk of gevaarlijk zijn, zoals heroïne, cocaïne en xtc.
  • Op lijst II staan de softdrugs, zoals cannabis (hasj en wiet). De risico’s van softdrugs zijn volgens de overheid minder groot. In de praktijk heeft dit ook veel te maken met hoeveel je gebruikt.

Experimenteren of misbruiken?

Wie voor het eerst drugs gebruikt, doet dat vaak uit nieuwsgierigheid. Er is geen enkele drug waaraan je al na één keer verslaafd bent. Drugsverslaving kan ontstaan door herhaald gebruik. Daarbij is het ene middel verslavender dan het andere.

Heb ik een drugsverslaving?

Doe de zelftest om erachter te komen of er sprake is van een (beginnende) verslaving! Bij drugsverslaving heb je geen controle meer op je gebruik. De volgende signalen kunnen wijzen op een beginnende (drugs)verslaving:

  • Gebruik je drugs omdat je je beter wilt voelen?
  • Gebruik je meer dan je van plan was?
  • Heb je wel eens beloofd of geprobeerd om te minderen of stoppen?
  • Heb je klachten als je ineens niet meer gebruikt?
  • Heb je je wel eens ziek gemeld door je drugsgebruik?
  • Maak je fouten op je werk of school door je gebruik?
  • Maak je ruzie over drugs?
  • Ben je onder invloed in situaties waarin dat gevaarlijk is voor anderen, zoals in het verkeer?
  • Probeer je je gebruik te ontkennen en te verbergen?
  • Ben je (in gedachten of in het echt) bijna alleen nog maar bezig met drugs?
  • Moet je vaak geld lenen om drugs te kunnen betalen?

Maak je je zorgen? Neem contact met ons op!

Risico’s

Wat precies de risico’s zijn, hangt af van wat je gebruikt. In het algemeen gelden voor alle drugs de volgende risico’s:

  • Risico op afhankelijkheid en verslaving.
  • De effecten van een drug kunnen anders zijn dan verwacht.
  • Je kunt een overdosis krijgen – zelfs met dodelijke afloop. Drugs kunnen ook een andere samenstelling of sterkte hebben dan je dealer je vertelt. Bij sommige drugs (zoals GHB) is het moeilijk om de juiste dosis in te schatten. Ook als je verschillende middelen door elkaar gebruikt, loop je meer risico.
  • Drugsgebruik vergroot de kans op ongelukken. Drugsgebruik in het verkeer is net als alcohol strafbaar.
  • Prestaties op werk en school kunnen minder worden door drugsgebruik.
  • Drugsgebruik kan het risico op een aantal ziekten vergroten. Ook psychische aandoeningen kunnen het gevolg zijn van drugsgebruik, zoals depressie of angst bij cannabis. Bij langdurig gebruik (verslaving) is de kans op lichamelijke en geestelijke schade heel groot.